Gedragsverrijking

Gedragsverrijking

Eisen aan de gedragsverrijking

Veiligheid
Belangrijk is dat iedere vorm van verrijking ook veilig is voor het dier. Dit klinkt logisch, maar hier worden soms wel fouten mee gemaakt. Zo worden bijvoorbeeld in dierentuinen voorwerpen gemaakt voor apen waar zij voedsel uit kunnen halen. Soms blijken deze toch eenvoudiger te slopen dan ingeschat, waardoor dieren zich eraan kunnen verwonden of delen kunnen inslikken. Schat dus vooraf goed in of een vorm van verrijking bestand is tegen de kracht en het soort gebruik door het dier.

Makkelijk in gebruik
Soms worden heel ingewikkelde dingen gemaakt om dieren te verrijken, zoals grote papiermaché prooidieren als speelmateriaal voor katachtigen. Uiteraard erg leuk, maar de kans dat dit snel herhaald wordt is daardoor klein. De verrijking moet eenvoudig in het gebruik zijn, zowel in de toepassing als bijvoorbeeld ook het schoonhouden. Voerballen bij varkens zijn daardoor bijvoorbeeld al snel minder geschikt, omdat ze deze ook door de mest en modder rollen, waardoor ze snel vervuild raken.

Stimuleren van het juiste gedrag
Bij inzet van gedragsverrijking moet goed worden opgelet dat het juiste gedrag wordt gestimuleerd en dat dieren niet juist ongewenst gedrag gaan ontwikkelen. Een voorbeeld zijn de loopmolentjes voor muizen. Sommige dieren raken zo gefixeerd door het rennen in zo’’n molentje dat ze dit gedrag een groot deel van de tijd blijven vertonen. Belangrijk om te weten is wat het normale gedrag en tijdsbesteding van het dier is. Zo is het bij grazers juist de bedoeling dat zij een groot deel van de dag bezig zijn met het verkrijgen van voedsel. Hiervoor kunnen speciale voederballen en zogenaamde ‘slowfeeders’ (zie voedselverrijking) worden gebruikt.

Soorten gedragsverrijking

Soortgenoten
Eigenlijk valt de aanwezigheid van soortgenoten niet onder verrijking, maar is dit een vereiste voor sociale diersoorten. Dieren die samen of in groepen gehuisvest worden, vertonen veel meer natuurlijk gedrag en zijn daardoor ook actiever. Hier is weinig meer voor nodig dan een soortgenoot. Soms kunnen dieren (tijdelijk) niet samen gehouden worden met een soortgenoot, bijvoorbeeld mannelijke dieren. Het is belangrijk dat zij dan wel soortgenoten kunnen zien en er contact mee kunnen maken. Soms kan een andere diersoort als vervanger worden ingezet, mits deze dieren het goed kunnen vinden.

Voedselverrijking
Voor dieren is voedselverrijking vaak erg interessant, omdat het voer een goede motivatie is om de verrijking te gebruiken. Vooral voor paarden zijn een aantal vormen van voedselverrijking op de markt. Deze kunnen vaak ook zelf worden gemaakt. In de paardensector komen relatief veel gedragsproblemen voor, mede doordat veel dieren nog alleen gehouden worden, maar ook door een foutieve manier van voeren. Vaak krijgen de dieren te weinig ruwvoer en zijn ze een relatief kort deel van de dag bezig met het verkrijgen van voedsel. Door het geven van voldoende ruwvoer zijn ze hier al veel langer mee bezig. Vaak wordt de dagelijkse portie hooi gewoon in de stal gelegd, maar door het gebruik van slowfeeders zullen ze hier nog veel langer mee bezig zijn. Dit zijn bakken, netten of soms zelfs containers met roosters of netten, waardoor steeds maar een klein beetje voer kan worden verkregen. Voor het stimuleren van een natuurlijke eethouding heeft het de voorkeur om bakken op de grond te gebruiken.
Een eenvoudige en goedkope manier van verrijking is het aanbieden van takken aan dieren. Hiervoor zijn onder andere wilg, els en fruitbomen erg geschikt. Wilgen zijn harde groeiers en hiervan kunnen ook een groot deel van het jaar takken worden gehaald. Voor vrijwel iedere (plantenetende) diersoort zijn takken (met of zonder blad) geschikt. Vanwege het natuurlijke eetpatroon eten geiten graag takken met blad, maar ook voor varkens geeft het de nodige afleiding.

Omgevingsverrijking
Dit is een heel brede term, maar zijn eigenlijk alle aanpassingen in het verblijf die worden gebruikt om natuurlijk gedrag te stimuleren. Vaak worden geitenweides al voorzien van klim- en springmogelijkheden voor de geiten. De meest interessante verrijking voor dieren zijn voorwerpen waar ze iets mee kunnen doen of wat ze kunnen slopen, bijvoorbeeld kartonnen dozen voor konijnen. Autobanden en kettingen hebben vaak maar heel kort interesse bij varkens. Ze kunnen er verder weinig mee.

Training
Ook training is een vorm van verrijking voor het dier, maar vooral ook praktisch voor de verzorgers. Iedere diersoort is te trainen. Training wordt vaak ingezet om de conditie van het dier te verbeteren of het dier bepaalde oefeningen aan te leren. Dit wordt vooral gedaan bij dieren in de sport, zoals paarden en honden. Maar training kan ook worden ingezet om dieren makkelijker hanteerbaar te maken en zelfs voor medische handelingen. Met enig geduld kan een dier geleerd worden stil te staan voor een medisch onderzoek, zich overal te laten betasten en zelfs bepaalde handelingen uit te voeren. In laboratoria worden zo bijvoorbeeld apen getraind om vrijwillig bloed af te geven. Dit scheelt voor deze dieren enorm veel stress. Als dieren vaker moeten worden verplaatst kan ze geleerd worden zelf de transportbox in te gaan, zodat ze niet gevangen hoeven te worden. Juist voor dieren op de kinderboerderij, die veel met mensen is aanraking komen, is training een handig hulpmiddel bij de verzorging, die ook bijdraagt aan het welzijn en een verbeterde band en omgang met mensen.

Brochure: Hokverrijking voor varkens
Deze brochure is bedoeld voor varkenshouders. Er wordt ingegaan op de vereiste eigenschappen en juiste wijze van aanbieden van hokverrijking. Die kennis stelt een varkenshouder in staat op een onderbouwde manier zelf keuzes te maken voor effectieve hokverrijking, die past in de bedrijfsvoering, maar ook voldoet aan de wettelijke norm.

De brochure bevat hiermee ook achtergrondinformatie en ideeën die voor kinderboerderijen bruikbaar kunnen zijn.

hokverrijking-wageningen_university_and_research_465079
https://edepot.wur.nl/465079

Uitgave: Wageningen University & Research (2018)